Onze sponsors
  • An Image Slideshow
  • An Image Slideshow
  • An Image Slideshow
  • An Image Slideshow

 

Wat zijn oude biljetten nog waard?
De euro biljetten.
 

 Wat zijn oude biljetten nog waard?

Stel: u vindt bij het opruimen van de huisraad van bompa, die pas overleden is, netjes tussen de pagina's van een boek geperst enkele briefjes van 1.000 frank van de Dynastiereeks van vlak na de oorlog.

In die tijd was dat veel geld en omdat bompa de bank niet vertrouwde, verstopte hij ze zelf.
Jammer genoeg vergat hij dan later dat ze daar zaten. En nu zit u ermee. Wat zijn die oude biljetten nu nog waard?

Wel, om te beginnen hun nominale waarde. De waarde dus die het biljet aangeeft.
Bij elke vestiging van de Nationale Bank van België kan u alle Belgische biljetten uitgegeven na WO II - dus ook de ingetrokken biljetten - omwisselen tegen hun nominale waarde. Voor een 1.000 frank uit 1944 krijgt u nu dus nog 25 euro. Al was 1.000 frank toen véél meer waard dan 25 euro nu.

In tegenstelling tot de munten en de biljetten uitgegeven door de Koninklijke Munt, door de schatkist dus. Die werden kort na hun intrekking waardeloos.

 

Die oranjebruine Boudewijn en Fabiola in hun trouwkostuum (50-frankbiljet uit 1966) die u nu nog terugvindt, zijn helaas nauwelijks nog wat waard. Tenzij het biljet in perfecte staat is (nooit gebruikt is dus, wat weinig waarschijnlijk is), dan krijgt u er bij een munthandelaar misschien - volgens de gangbare prijzen - momenteel de fantastische som van 1 euro voor. Met een oplage van 385 miljoen exemplaren viel ook niet beter te verwachten...

Hiermee geven we wel aan dat er met goed bewaarde biljetten met een hogere nominale waarde misschien toch nog zaakjes te doen zijn. Als u meent dat u er meer voor kan krijgen dan de nominale waarde op de Nationale Bank (als het tenminste een biljet is van na WO II), kan u het altijd eens proberen bij een munthandelaar. Zo kan het zijn dat ons uitermate schitterend bewaarde 1.000-frankbiljet van de Dynastiereeks van eigenaar wil wisselen voor 40 of 50 euro. Kwestie van vraag en aanbod.
Het is jammer dat de Nationale Bank, die steeds bereid is u 1.000 frank te geven voor zo'n oud biljet, niet het omgekeerde doet en de verzamelaar vlotjes oude biljetten aan de hand doet voor hun nominale waarde.
 

Met de erfenis van bijvoorbeeld een 1.000 frank van de Nationale Reeks (1919) doet u, hoewel het biljet veel ouder is, niet noodzakelijk een gouden zaakje. Ten eerste wil de Nationale Bank u er niets meer voor geven. En ten tweede zal ook de handelaar een lang gezicht trekken: het zou al niets minder dan een klein wonder zijn als zo'n oud biljet nog in ongerepte staat is (biljetten zijn niet bedoeld om zo lang mee te gaan: de gemiddelde levensduur van een biljet vandaag is amper 2 jaar!) en dus is het hem niet meer waard dan een 7,5 à 12,5 euro.
Daarvoor had het biljet een te grote oplage en is het dus niet zeldzaam genoeg.
Zelfs voor een 1.000-frankbiljet in die tijd (zowat het jaarloon van een arbeider) was de oplage hoog: ruim 33 miljoen exemplaren.

Ondanks de soms mooie ontwerpen en de meestal kleinere oplagen (en dus hogere waarde) worden biljetten niet zo vaak verzameld.
Enerzijds omdat dus aan exemplaren in goede staat moeilijk aan te komen is (een biljet wordt altijd wel eens geplooid in een portefeuille en dat is dodelijk).
Anderzijds ben je met biljetten ook sneller uitverzameld: munten bieden veel meer mogelijkheden met misslagen, medailleslagen...
Of misschien spreekt papieren geld gewoon minder tot de verbeelding en ziet men pas écht geld in metalen geld.

 Terug naar boven
 


De euro biljetten

Hoe worden ze gemaakt?

De biljetten worden gemaakt van pure katoenvezels. De grondstof hiervoor komt uit het zuiden van Amerika, uit Afrika en uit de steppen van Centraal-Azië, wat aan de euro meteen een heel internationaal karakter geeft. De katoenvezels worden eerst fijngemalen en gebleekt. Nadien wordt er water toegevoegd, zodat een pulp wordt bekomen. Die wordt vervolgens verrijkt met chemicaliën om de verlangde scheurbestendigheid te verkrijgen.Het papier, dat wordt geproduceerd op enorme rollen die wel tot 2,5 ton kunnen wegen, wordt ten slotte versneden in bladen waarop 24 tot 60 bankbiljetten (in gewicht variërend van 0,6 tot 1,1 gram) worden gedrukt, afhankelijk van de afmetingen van het betreffende bankbiljet.

Waar zijn ze geldig?

De zeven eurobankbiljetten zijn wettig betaalmiddel in alle twaalf eurolanden. Ze zijn overal precies hetzelfde. De echtheidskenmerken kunt u dus overal op dezelfde wijze controleren. De eurobankbiljetten zijn goed beveiligd. Een combinatie van uniek papier, en een voelbaar reliëf op sommige delen maakt de biljetten voor iedereen duidelijk herkenbaar. Ook voor blinden en slechtzienden.
Ondanks deze ingewikkelde aanmaakprocedure en veiligheidskenmerken duiken er iedere week wel hier of daar valse euro-biljetten op. Daarom geven we hier ook maar eens de kenmerken waaraan een echt biljet kan herkend worden.

Hoe de echte biljetten herkennen?

Elk biljet heeft een verschillend formaat en een eigen kleur. Op de bankbiljetten staan ramen, poorten en bruggen uit verschillende perioden van de Europese geschiedenis. Die bruggen, poorten en ramen lijken echt, maar zijn het niet. De ontwerpen zijn van de hand van de Oostenrijkse ontwerper Robert Kalina.

De echtheidskenmerken van 5, 10 en 20 euro.

1.- Watermerk
Houdt u een eurobankbiljet tegen het licht, dan wordt het watermerk zichtbaar. Dit watermerk laat zowel een afbeelding zien als de waarde van het biljet in cijfers.

2.- Veiligheidsdraad
In het papier van elk eurobankbiljet zit een donkere verticale draad. Wanneer u het biljet tegen het licht houdt, ziet u deze draad aan de linkerkant van de voorzijde van het bankbiljet.

3.- Foliestreep met hologram
Houdt u het bankbiljet schuin, dan ziet u het eurosymbool € en de waarde van het bankbiljet in een glanzende hologramstreep rechts aan de voorkant.

4.- Iriserende streep
Beweegt u het bankbiljet in het licht heen en weer, dan ziet u op de achterkant een glanzende regenboogachtige baan die van kleur verandert. Het eurosymbool € en de waarde van het biljet zijn dan zichtbaar.

De echtheidskenmerken van 50, 100, 200 en 500 euro

1.- Watermerk
Zoals voor de bankbiljetten van 5, 10 en 20 euro.

2.- Veiligheidsdraad
Zoals voor de bankbiljetten van 5, 10 en 20 euro.

3.- Zegelvormig folie met hologram
Houdt u het biljet schuin, dan ziet u een afbeelding en de waarde van het bankbiljet in cijfers in een zegelvormig hologram, rechts aan de voorkant.

4.- Optisch variabele inkt
Beweegt u het bankbiljet in het licht heen en weer, dan ziet u rechtsonder aan de achterkant dat de kleur van de waardecijfers verandert van paars naar olijfgroen of bruin. De kleurverandering komt door een speciale inkt en is afhankelijk van de lichtval.

5.- Tenslotte zijn er nog de NCB codeletters
Aan de biljetten kunt u zien uit welk land het afkomstig is. Kijk hiervoor naar het serienummer. Elke nationale centrale bank (NCB) heeft een letter toegewezen gekregen die aan het serienummer voorafgaat.

NCB codeletters zijn:

België Z - Duitsland X - Finland L - Frankrijk U - Griekenland Y - Ierland T - Italië S - Luxemburg * - Nederland P - Oostenrijk N - Portugal M - Spanje V

*Eurobankbiljetten die zijn uitgegeven door de centrale bank van Luxemburg dragen de codeletter van de nationale bank van de landen waarin de biljetten voor Luxemburg zijn geproduceerd.

Terug naar boven